home
 
 

De ligging van Iran op een locatie waar de eerste migraties van volkeren voorkwamen in combinatie met de vruchtbare gronden van het Elburz en Zabros gebergte, gaf goede mogelijkheden voor het ontstaan van selecte fok van paarden door de mens voor verschillende doeleinden en specifieke eigenschappen.

Vondsten door Carleton Loon in 1949 geven aan dat het paard al in Perzie ronddwaalde in de Mesolithice periode. Dit weerlegt de theorie dat de paarden niet van oorsprong uit Perzie komen maar geïntroduceerd werden in 3000-2000 B.C. Kleine wilde paarden kudde zwierven rond Kermanshah in het oude Perzie in West Centraal Iran. De meest aangenomen theorie is dat vele diersoorten bij het naderen van de ijstijd vertrokken naar warmere gebieden. Nadat de gletsjers smelten vertrokken veel soorten weer terug naar hun oorspronkelijke gebied. Sommige diersoorten bleven echter in vastgestelde geografische gebieden en vormde daar geïsoleerde fokgroepen met specifieke genetische eigenschappen. Dit zou opgaan voor de zeer vroeg geïsoleerde groep van Kaspische paarden in Oud Perzie in de Zabros nabij Kermanshah.

In de 6de eeuw AC verklaart Thimotheas of Gaza dat een klein ras van paarden werd gefokt in het gebied van Kermanshah. " De paarden van de Medes zijn van bescheiden omvang met kleine oren en hoofden afwijkend van paardenhoofden". De grote paarden uit de oudheid (Nisaean) waren kleiner dan het moderne rijpaard dat wij heden ten dagen kennen en beschikte over een ramshoofd. Wat Thimotheas omschrijft is het exterieur van het Kaspische paard.

Het Kaspische paard wordt niet langer gevonden in de regio Kermanshah enkel in het Elburz gebergte ten zuiden van de Kaspische Zee. Een verklaring hiervoor wordt gevonden in de migratie van een inlandse Perzische volkstam. Noel schrijft in 1922 in the Geografic Journal: " De oorspronkelijke bewoners van de Kaler Dash (een gebied aan de voet van het Elburz gebergte) zijn een stam oorspronkelijk uit Kermanshah en zij fokte pony’s". Het is vermeldenswaardig dat er geen pony’s worden gevonden in Kaler Dash enkel Kaspische paarden. Louise Firouz verklaarde na herontdekking van dit ras. " Het feit dat zij zo onderscheidend specifiek zijn voor een kleine regio doet veronderstellen dat zij zijn gefokt in een bepaalde tijd voor een specifiek doel. De opmerkelijke kenmerken komen zo uitgesproken terug dat zij mogelijk overerfelijke eigenschappen zijn van een zeer dominant ras uit de oudheid.

De vele afbeeldingen van paarden met dezelfde uiterlijke kenmerken als het hedendaagse Kaspische paard geven aan dat in de oudheid dit ras tevens zeer gewaardeerd werd bij de Perzische Koningen. Zij werden zowel bij ceremonies
als voor de leeuwenjacht veelvuldig gebruikt. De snelheid, wendbaarheid, moed
en kleine stokmaat maakte dit ras ideaal bij de aangespannen boogjacht op leeuwen. Vergelijkend onderzoek tussen DNA van opgegraven botten uit de oudheid en het DNA uit botten van het moderne Kaspische paard geven aan dat deze identiek zijn.

In de opvolgende eeuwen zwierf het Kaspische paard wild rond, werd gevangen en gefokt als werkpaard in het bergachtige gebied. Het behoud en zuiverheid van het ras werd waarschijnlijk veroorzaakt door de geïsoleerde omgeving en dat het gebruik van de locale bevolking (die deze mouleki of pouseki noemen) goed aansluit bij eigenschappen van het Kaspische paard .

 

Oorsprong Kaspische paard
Herontdekking in 1965
Exterieur
Bloedlijnen
Stoeterij Al Borak
 

 

shapur

Afbeelding van Shapur I . 241-272
(on horseback) en Keizer Valerian nabij Naghsh-e Rostam, nabij Persepolis, Iran

ardeshir

Afbeelding Ardeshir I, (gestorven in 241) Naghsh-e-Rostam, nabij Persepolis, Iran

 

www.kaspischepaarden.com