home

Historici gingen er van uit dat dit ras van 5000 jaar oud plusminus 1000 jaar geleden was uitgestorven. Tot dat in 1965 een Amerikaanse vrouw Louise Firouz, die een ruitercentrum net buiten Teheran leidde, een edel bruin hengstje voor de kar op de markt ontdekte.

Navraag bij de lokale bevolking gaf aan dat zijn dit ras mouleki of pouseki noemen, dit was het begin van een zware en vaak moeilijke zoektocht in de gebergte van Noord Iran. Uitgebreid onderzoek via DNA van de herontdekte paardjes in vergelijking met oude botten hebben aangetoond dat de Kaspische paarden van vandaag identiek zijn aan de paarden uit de tijd van het grote Perzische rijk. Tevens is er uit studie naar voren gekomen dat het Kaspische paard aan de basis staat van alle oriëntaalse rassen waaronder de Arabier (paard type IV).

Nadat Louise Firouz enkele Kaspische merries en hengsten had gevonden begon zij een fokgroep te vormen waarbij zij streng selecteerde. Ondertussen had de Sjah van Perzië interesse gekregen en werd het Kaspische paard cultureel erfgoed en verhuisde een groot deel van de kudde naar de Royal Stud.

Eerste Transport

Tijdens een bezoek van Prins Phillip van het Verenigde Koninkrijk aan Perzië werden de Kaspische paardjes ook aan hem getoond. Als fervent menner en groot paardenliefhebber was hij onder de indruk van het bijzondere paardje. Ook begreep hij dat het ras erg kwetsbaar was indien er geen populatie buiten Perzië zou zijn. Als koninkijke gift verhuisde er in 1974 dan ook een hengst en merrie naar Buckingham Palace. Kort hierna was er vanuit het Verenigd Koninkrijk zoveel belangstelling gekomen dat er een transport kon worden georganiseerd van 2 hengsten en 6 merries. Vanuit Perzië vertrokken er ook nog 1 hengst en 2 merries naar de Bermuda eilanden.

Waar Prins Phillip bang voor was gebeurde kort hierna, de Sjah werd afgezet en na de revolutie veranderde de naam van Perzië in Iran. De revolutie had tot gevolg dat alles wat aan de Sjah gerelateerd was op weinig sympathie kon rekenen.  Louise Firouz die met een Iranese aristocraat getrouwd was belandde samen met haar man in de gevangenis en de Kaspische paarden in de koninklijke stallen werden aan hun lot overgelaten en stierven een hongersdood.

Tweede transport

Na vrijlating uit de gevangenis bracht Louise Firouz de paarden die zij nog thuis hadden na een plek in de bergen en hiermee bouwde zij een nieuwe kudde op. Dit was een moeilijke tijd met weinig geld en veel tegenslag. Op een gegeven moment vielen wolven de kudde aan en doodde enkele paarden. Het was van het grootste belang dat er snel een transport naar het buitenland zou worden georganiseerd om het ras een redelijke kans te geven om voort te bestaan. In 1976 kwam dit spoedtransport in het Verenigd Koninkrijk met 2 hengsten en 6 merries aan.

Derde transport

Een volgende bedreiging voor het ras lag op al de loer. Irak viel Iran binnen en iedere inwoner van Iran mocht maar één paard houden. Alle andere paarden werden opgegeten of gebruikt om vijandelijke mijnen onschadelijk te maken. Na de oorlog werden alle paarden bij elkaar gebracht in een kamp (dit waren plusminus 1000 paarden). Hieruit selecteerde Louise Firouz enkele paardjes die voldeden aan de karakterestieke raskenmerken van het Kaspische ras. Verder struinde zij het land weer af op zoek naar een enkel Kaspisch paard. Hieruit bouwde zij voor de derde maal een kudde op waarbij door strenge selectie op de nakomelingen de kudde maar langzaam groeide. In 1994 was dan eindelijk het moment daar dat er weer een export georganiseerd kon worden om het ras veilig te stellen voor de toekomst. Onverwant bloed was ook nodig buiten Iran om de diversiteit in de genen zo min mogelijk te verkleinen. 4 hengsten en 3 merries verhuisde naar het Vereningd Koninkrijk. Sindsdien is nog diverse malen geprobeerd Kaspische paarden vanuit Iran te exporteren maar echter zonder succes.

Op dit moment zijn er plusminus 1000 Kaspische Paarden buiten Iran. Fokkers bevinden zich in het Verenigd Koninkrijk, USA, Australie, Scandinavie, Nederland, Belgie, Frankrijk en Duitsland.

Nederland is redelijk goed vertegenwoordigd met 4 fokkers en rond de 50 Kaspische paarden van zeer diverse bloedlijnen. De zorg voor behoud van het ras ligt niet zozeer in het aantal Kaspische paarden maar bij de zorgvuldigheid van de fokker bij het vermijden van inteelt, en het behoud van de typische raskenmerken en het bewaren van de meer zeldzame bloedlijnen. Het aantal Kaspische paarden dat nog in Iran aanwezig is wordt geschat op maximaal 500 paarden, raszuiverheid van deze dieren is echter niet bekend.

 
Oorsprong Kaspische paard
Herontdekking in 1965
Exterieur
Bloedlijnen
Stoeterij Al Borak
 
 

alborz

Alborz gebergte

transport

Aankomst tweede transport

banafsheh

Hopstone Banafsheh, importmerrie uit Iran
by koningin Elizabeth in de UK.

pourandokth

Pourandokth* Kaspische foundation merrie in Iran

www.kaspischepaarden.com